Concert 12 november 2002

Prachtige Elias in Uithoorn
(Uitvoering 12 november 2002)

Toon de Graaf was uitgelaten toen het D-groot slotakkoord van een magistrale Elias van Felix Mendelssohn wegstierf. Hij betrok de beide koren, die zo gedijen onder zijn bezielende leiding, nadrukkelijk in het applaus van het enthousiaste publiek en hij wierp zijn bloemen met een brede zwaai naar het koor. Een treffende demonstratie van hoe blij en tevreden hij was met de prestatie van zíjn Amicitia en zíjn Rijnmondkoor Vlaardingen. Ik vind het inderdaad verbluffend wat deze beide koren presteren. Het lijken wel beroeps, zoals ze de rubati en tempowisselingen van Toon volgen. De klasse van het koor blijkt onder meer uit het feit dat het soms net is alsof ze alle tijd hebben. Dat getuigt van zelfverzekerdheid, vertrouwen en heel goed kijken naar de dirigent. De alten en bassen zorgen voor een stevig en betrouwbaar fundament. En wat zijn de sopranen mooi geworden! Prachtig helder en stralend in het hoog. Jammer dat de tenoren wat achterblijven. Zo af en toe is wel hoorbaar dat het twee koren zijn, maar dat is begrijpelijk als je weet dat ze pas op het allerlaatst samen repeteren. Wat mij ook opvalt is dat het koor kennelijk begrijpt wat het zingt; het ís het volk Israels als het de Heer om hulp roept, omdat de oogst verdord is. Het ís het volk Israels als het de koningin naar de mond praat en uitroept dat Elias moet sterven.

Mendelssohn is een meester in het met muziek schilderen van beelden en gevoelens. Je hoort de wind opsteken, de golven bruisen en aanzwellen, de engelen zingen en de huiver als Elias spreekt over God, wiens woord is als vuur en als een hamer, die rotsen verpulvert. Hij schreef destijds aan vrienden over Elias en noemde hem hartstochtelijk en strijdbaar, eigenschappen die zeer tot zijn verbeelding spraken. En dat kun je horen aan de wijze waarop hij de gevoelens en woorden van Elias verklankt. Hoe menselijk is Elias in de aria “Es ist genug”, mooi gezongen door Charles van Tassel; berusting, ontgoocheling en boosheid wisselen elkaar af. Jammer en storend vond ik het, dat de celli, die bij deze aria een prachtige tegenstem ‘zingen’, op een cruciaal punt in de fout gingen. Charles van Tassel was een geloofwaardige Elias, zij het dat ik de volle toorn en woede van de verontwaardigde Elias soms miste. Wel wist hij diens cynisme goed te treffen, toen hij het volk toeriep de god Baal vooral harder te roepen, omdat die misschien nog lag te slapen. Prachtig en vlekkeloos gelijk was trouwens het desperate “Gib uns Antwort” van het koor.

De uitglijder van de celli was trouwens niet het enige incident met de begeleiding van het Nederlands Promenade Orkest. Er werd nogal eens ongelijk ingezet, rommelig gespeeld en de zuiverheid liet ook regelmatig te wensen over. Afgezien van het koor en zijn dirigent, was ik bijzonder enthousiast over het optreden van Ludwig van Gijsegem en Myra Kroese. Van Gijsegem is een tenor zoals er maar weinig zijn. Hij is niet slechts een groot zanger met een prachtige stem, hij brengt ook emotie over. Zo was adembenemend prachtig zijn pianissimo gezongen “Siehe, er schläft” na de aria “Es ist genug” van Elias. Myra Kroese heeft een prachtige donkere alt en was goed bij stem. De andere solisten spraken me iets minder aan. Lisette Emmink heeft een mooie stem, maar haar “Höre Israel”, een van de mooiste aria’s van dit werk, vond ik wat krampachtig gezongen.

In de pauze had menigeen het over het afslachten van de profeten van Baal, toen hun god door de mand gevallen was. Dat gaat toch wel erg ver, was het meest gehoorde. Het oude testament gebruikt inderdaad harde taal en beelden om de mens te helpen zich toe te vertrouwen aan God. God hongert zijn volk uit als ze niet geloven en verricht wonderen om ze te laten geloven. En hij vergeeft, wie zich weer tot hem wendt. In de prachtig door Myra Kroese gezongen aria “Weh ihnen, dass sie von mir weichen” wordt uitgelegd dat verdelging volgt op het vertellen van leugens over God. Naar het heden laat zich dat vertalen in het hebzuchtig en zonder liefde met de medemens en de natuur omgaan en in het niet begrenzen van degene die het verbond van de vrede verraadt dat God met de mens heeft gesloten. In de aria “Sei stille dem Herrn und warte auf ihn” bemoedigt een engel ons stil te zijn en te vertrouwen op God zonder toorn of rancune, “denn der wird dir geben, was dein Herz wünscht”. Die woorden helpen me toe te vertrouwen aan de bedoeling van mijn leven en angst en achterdocht los te laten. En zo draagt een avond met Amicitia niet alleen bij aan muzikaal genot, maar ook aan een verdiept contact met mijzelf. Dank Amicitia, dank Toon!

Paul Steinhauser

Staande ovatie voor Amicitia zeer verdiend
(Uitvoering 12 november 2002)

Uithoorn – Oratoriumvereniging Amicitia zette dinsdagavond 12 november in De Burght samen met het Rijnmondkoor Vlaardingen een heel mooie Elias van Mendelssohn-Bartholdy (1809-1847) neer. Bas/bariton Charles van Tassel vertolkte met veel zeggingskracht de rol van Elia. Het geheel stond onder de deskundige leiding van Toon de Graaf.

De verhalen rond de profeet Elia uit de bijbel waren voor vele bezoekers wellicht bekend. De muzikale interpretatie kon de luisteraars echter een extra dimensie geven of kon heel verrassend zijn. Een volk, in dit gval twee flinke koren bij elkaar, dat ‘Hilfe’ zingt, komt waarschijnlijk sprekender over dan wanneer het alleen in woorden op papier staat. Zeker als het orkest even daarvoor de spanning flink opgebouwd heeft. Elia mag in dit oratorium dat Mendelssohn-bartholdy in 1846 schreef, als eerste het woord nemen. Hij kondigt aan dat er regen noch dauw zal komen. het volk roept dan, na de instrumentale ouverture, ‘Hilfe’ en schetst een verschrikkelijke situatie; ‘de kinderen roepen om brood en niemand die het hun geeft’. Zie daar, al genoeg elementen voor dramatiek. Toon de Graaf wist die in het concert uit te buiten. Koor en orkest waren vanaf de eerste noten attent en volgden hem goed.

In het begeleidende tekstboekje is te lezen: ‘het werk is van grote bekoring, rijk aan schitterende melodiek en uitgegroeid tot een machtig, aangrijpend geheel’. Waarschijnlijk konden vele concertgangers dit navoelen en nazeggen. In de Elias wordt de dramatiek niet geschuwd waardoor het voor het koor des te aantrekkelijker wordt. De zangers en zangeressen konden zich helemaal inleven en uitleven in de vele koorstukken. Het volk is angstig als de regen en de hulp uitblijft, het jubelt als er uiteindelijk water komt, althans de voorbode daarvan, een klein wolkje. Dat is pas nadat Elia de strijd met de Baälpriesters is aangegaan op de berg Karmel. Het is volk is verder scherp als het zich keert tegen Elia en roept dat hij moet sterven. Vele wisselingen in stemming, klankkleur, ritme, tempo en dynamiek. Ook het orkest volgde de wisselingen. De cello’s klonken prachtig bij een bedroefde Elia die zich terugtrekt in de woestijn. De koperblazers triomfeerden mee toen gezongen werd dat hij in een vurige wagen met vurige paarden naar de hemel reed.

Van de solisten mogen met name Myra Kroese, alt / mezzo en bas / bariton Charles van Tassel genoemd worden met hun mooie stemmen en overtuigend optreden. Het orgel met Eric Jan Joosse was regelmatig prachtig te horen in samenklank met koor en/of orkest. In éé van de laatste koren nam het orgel mooi de melodie van het koor over. Het Nederlands Promenade Orkest zorgde voor een goede instrumentale uitvoering. Over de tekst van de Elias is van een heleboel te zeggen en mensen zullen er hun eigen ideeën bij hebben, maar in dit stuk gaat het het om bijbeluitleg maar om de muzikale intrpretatie van de componist en van de dirigent. Daarmee hebben dirigent, orkest, solisten en koren het publiek in De Burght een boeiende avond mooie muziek bezorgd.

M. Mak