Concert 18 november 2003

Het was weer feest met Amicitia

Dinsdag 18 november was het weer feest. Dit jaar presenteerde Amicitia ons een Engels programma. Good old Handel werd vergezeld door Rutter. Voor velen zal het de eerste kennismaking zijn geweest met deze laatste. John Rutter leeft nog. Zijn Requiem, dat door Amicitia op het repertoire werd genomen, dateert van 1985. Het is een toegankelijk werk, op en top Engels met Lloyd Webber (Cats!) achtige melodieën. Maar wat het zo geschikt maakt voor Amicitia: zeer goed voor koor geschreven. Hier is een man aan het werk, die weet wat een koor kan en hoe het klinkt. Je zou zijn muziek kunnen afdoen als romantische muziek met een hedendaags dissonanten sausje. Maar dan zou ik zijn muzikaliteit te kort doen. Die dissonanten worden door hem heel functioneel ingezet voor het beoogde effect. Hij creëert een soort klankcluster rondom de toon, die je volgens de traditie zou verwachten, door die te omgeven met vreemde, dissonerende tonen. Maar in combinatie met de stem van het orkest en een dirigent, die dit begrijpt, krijgt de luisteraar toch een beleving van een centrale sonant. Ik vind dat Rutter dit het best realiseert in het eerste deel, het Requiem Aeternam. Daar zet de pauk een langzaam pulserende beweging in op g. Op die grondtoon stuwt Rutter dan de spanning omhoog met ‘bijna’ octaafsprongen, die een broeierig, geheimzinnig en spannend effect geven. Bij het invallen van het koor heeft hij op die manier een cluster van dissonanten neergezet, die verwant is aan c-groot en het koor zet ook in op c. Maar vanuit deze unisono c voert het orkest met zijn bijna octaafsprongen het koor naar een akkoord waarin de c, de cis, de e en de es voorkomen. Heel lastig voor een koor kan ik u wel vertellen! Maar het klinkt en dat helpt. Dat dit een functionele opbouw is, wordt duidelijk. Op het moment dat het koor vraagt om de overledenen het eeuwige licht te geven, lossen de dissonanten op in een f klein akkoord, wat het effect geeft van licht dat door de wolken breekt.

Voorgaande jaren heeft het koor al blijk gegeven moeilijke partituren aan te kunnen en ook nu overwon Amicitia de problemen glansrijk. Slechts heel zelden hoorde je de zangers zoeken naar de goede toon. Toon de Graaf wist de klankclusters meesterlijk te treffen door een juiste balans tussen koor en orkest en zo kwamen de charme en de ernst van Rutter goed tot hun recht. Bij het tweede deel heeft Rutter volgens mij aan de blues gedacht en dat had wat mij betreft wel iets jazzier gespeeld en gezongen mogen worden. Maar ronduit schitterend was het fortissimo c-groot akkoord dat het koor neerzette op het woord ‘trust’. Een stevig vertrouwen! Wat moet hier lang en intens op geoefend zijn. En wat een voldoening dat het dan ook zo goed uit de verf komt. Het werd een nog groter feest door het fantastische zingen van Marjorie Ginczinger. Zoals zij een aantal malen de hoge a glaszuiver piano zong en aanhield was adembenemend mooi. Haar fraseringen vond ik ook heel mooi. Ook de sopranen van het koor verdienen een extra pluim. Hun hoog was soms heel mooi en deed me dan denken aan zo’n prachtig Engels jongenskoor. Het sanctus was duidelijk moeilijker voor de mannen dan voor de vrouwen. Ze waren er ook even uit, maar Toon wist dat weer vakkundig op te vangen. Dat vraagt ook ervaring van het koor! Speciale lof verdient ook de harpiste, die prachtig speelde.

Ik denk dat de meeste tijd en aandacht is gegaan naar dit werk. Maar dan komt er na de pauze nog meer. Twee koorwerken van Handel. Het korte Let thy hand be strengthened uit de Coronation Anthems en de Ode on St Cecilia’s Day. Wat mij betreft mogen ze dit stuk uit de Coronation Anthems ook zingen in de Staten Generaal bij de installatie van een nieuwe regering, want het koor zingt de nieuwe machtshebber vele behartenswaardige woorden toe. Na de pauze dus ook de Ode on St Cecilia’s Day. Het orkest heeft hier veel meer dan alleen een begeleidende rol en ik vermoed dat dit de reden is waarom ik hier niet de volle tijd geboeid werd. Het blijft toch een gelegenheidstreffen tussen Toon de Graaf en het Promenade Orkest en daardoor ontbreekt de finesse en diepgang, die het koor wel brengt. Ook hier stal Marjorie Ginczinger weer mijn hart met haar stralende stem en warme uitstraling. Tenor Jan van Elsacker zong en acteerde goed. Ik miste alleen zijn agressie bij het ‘charge, charge’ in de Trumpet song, een agressie die het koor wel wist over te brengen.

Al met al was het weer een zeer geslaagde muzikale avond met vele hoogtepunten. Hulde Toon en Amicitia en heel veel dank voor zoveel inzet en bezieling.

Paul Steinhauser

INDRUKWEKKEND CONCERT c.o.v. AMICITIA

Uithoorn – dinsdagavond 18 november 2003 was het weer zover, het jaarlijkse grote concert van het Uithoornse oratoriumkoor Amicitia in de R.K. Kerk De Burght. Deze keer was er niet gekozen voor één groot traditioneel koorwerk, maar voor een drietal kleinere composities die samen een drieluik vormden. Immers alle werken stamden uit de Engelse koortraditie en waren geënt op talrijke bekende, ontroerende bijbelteksten en lofzangen. Geen wonder dat de Uithoornse muziekliefhebbers al vroeg in grote getale aanwezig waren. Ik denk dat niemand spijt heeft gekregen van zijn aanwezigheid, want het werd een prachtig concert! Met het Nederlands Promenade Orkest, en de twee voortreffelijke solisten – sopraan Marjorie Ginczinger en tenor Jan van Elsacker – en met de bijna 80 Amicitialeden werd onder leiding van dirigent Toon de Graaf voor de pauze het Requiem van John Rutter uitgevoerd. Rutter componeerde dit werk in 1985 als hommage voor zijn vader die kort daarvoor gestorven was. Maar het werd geen requiem met hel- en verdoemenisvizioenen. Hij vond dat muziek een boodschap van intimiteit en hoop in zich moest dragen, hoop op een leven na de aardse dood in het eeuwige Licht het Lux aeterna! Wat werd het een prachtige compositie met zowel Latijnse teksten uit de traditionele Requiemmis en tevens bekende en geliefde psalmteksten in de Engelse taal.

De vrouw die na de uitvoering tegen Rutter zei: “It’s funny, your music makes me cry, but there are not unhappy tears” kan ik begrijpen, want in het verstilde en liefelijk gezongen Lux aeterna voelde je je als het ware opgetild naar hogere sferen, zo mooi was het! Voor het koor was dit werk verre van gemakkkelijk door een wat ander klankidioom dan gebruikelijk met af en toe wringende dissonanten die fraaie oplossingen kregen. Een compliment voor het overwinnen van deze muzikale hobbels is op zijn plaats. Ook de beide solisten zongen voortreffelijk en ontvingen met koor en orkest een groot applaus. Na de pauze werd gestart met een kleiner koorwerk van G.F. Händel: “Let thy hand be strengthened”. De beide solisten bleven hierbij weg zodat alle aandacht gericht werd op het koor, dat zelfverzekerd en met verve dit mooie werk wist te vertolken. Ook de vaste repetitor van Amicitia Eric Jan Joosse speelde in dit werk een belangrijke rol. Aan het orgel, met handen op het klavier inspireerde hij met de rest van zijn lichaam – als ware het een tweede dirigent – de naast hem zittende strijkers tot de hoogst mogelijke gelijkheid in de wisselende tempi en expressie; een prestatie van grote klasse!

Ook het slotwerk was van Händel: “Ode on St Cecilia’s Day”. Al sinds de Middeleeuwen werd Cecilia vereerd als schutspatrones van Muziek en Zang. Geen wonder dat vele componisten van dit dankbare thema gebruik hebben gemaakt voor het scheppen van een nieuw muzikaal kunstwerk. Zo deed ook Händel en wel op briljante wijze. In dit fascinerende werk wordt de hemelse harmonie en een scala van muziekinstrumenten bejubeld. Hierbij vertolkte de sopraan Marjorie Ginczinger het grootste deel van de bezongen instrumenten, die of als solo of in duetvorm ten gehore werden gebracht. Één van de ontroerendste momenten was naar mijn mening de Ode aan het orgel, prachtig vertolkt door Eric Jan Joosse in duet en trio-vorm met twee cello’s en met de kristalhelder zingende sopraan. Wat een stem, zelfs in de hoge pianissimo passages zong zij adembenemend op zeer hoge toon! Toen ten slotte het grote koor de machtige slotfuga – “The spheres began to move and sung the great Creator’s praise to all the bless’d above” – inzette, de trompet schalde en de laatste klanken verstilden….. werd het ook in de zaal even heel stil totdat het applaus en gejuich langdurig losbarstten. Een indrukwekkend concert van grote klasse kwam ten einde, maar zal niet snel worden vergeten!

 

Tenslotte, Amicitia heeft de laatste tijd een grote stap vooruit gemaakt. Vooral de sopraansectie zingt verrassend goed en haalt met glans de hoogste tonen. Dit heeft ongetwijfeld ook een positieve invloed op de andere stemgroepen. Amicitia zingt als ëën grote vriendenkring en zwaait hun dirigent en repetitor veel lof toe, wat zij ook in grote mate verdienen. Het is tevens de sleutel voor verdere ontwikkeling. Want dat geldt voor vele koren: het kan altijd nog beter, zoals verbetering van intonatie, gelijke inzetten en tempowisselingen. Daar moet nog aan gewerkt worden. Maar met zo’n voortreffelijke dirigent als Toon de Graaf kan Amicitia de toekomst vol vertrouwen te gemoet zien.

In 2006 viert Amicitia zijn vijftigjarig bestaan. Het zou geweldig zijn als deze mooie koorwerken dan nogmaals zouden worden ingestudeerd en uitgevoerd en op CD werden vastgelegd. Amicitia, nogmaals geluk gewenst met dit prachtige concert. Bravissimo!

Jacques de Boo