Concert 2 april 2004

Amicitia vertolkte Johannes Passion op uitstekende wijze in de St. Johannes de Doper.

Mijdrecht – De christelijke oratoriumvereniging Amicitia voerde twee jaar geleden voor het eerst de Johannes Passion uit in de St. Johannes de Doper in Mijdrecht. Door het grote succes besloot men dit jaar de traditie voort te zetten met een uitvoering op vrijdag 2 april.

De Johannes Passion behoort samen met de meer bekende Mattheus Passion tot de meesterwerken van Johann Sebastian Bach. Alleen is de strekking van beide Passionen geheel verschillend. In de Mattheus Passion wordt Christus uitgebeeld in zijn omgang met de discipelen bij het Avondmaal en zijn worsteling in de hof van Gethsemané. Christus is de leidende figuur. In de Johannes Passion is dat totaal anders en wordt Christus afgebeeld tegenover zijn rechters. Hij plaatst zich hier boven de wereldlijke macht en neemt een verdedigende en afwijzende houding aan.

Als tenorsolist was Bart de Kegel een buitengewoon goede keuze. Zonder het al gauw eentonig wordende verhalend zingen gaf Bart de Kegel zijn eigen insteek aan deze rol en wist het publiek tot het eind toe te boeien. Maar ook Math Dirks die de Christuspartij voor zijn rekening nam was indrukwekkend. De aria’s van sopraan Lisette Emmink en alt Martine Straesser waren hierbij goede tegenhangers. Bij de eerste aria van Lisette Emmink, als er nog geen oordeel uitgesproken is, klinkt de hoop en het vertrouwen duidelijk door. En gelaten als het volbracht is zingt Martine Straesser de aria met de bekende frase ”Der Held aus Juda siegt mit Macht” Sterk waren ook de aria’s van tenor Alex Vermeulen en bas Martijn Sanders. Maar ook bij het koor onder begeleiding van het kamerorkest Continuo komt duidelijk de kracht en de eenvoud naar voren. De opzwepende koralen over de beschuldiging van de joden en de krijgsknechten zijn indrukwekkend.

Het geheel werd ondersteund door Eric Jan Joosse met orgel. Dirigent Toon de Graaf vertelde dat gekozen is voor de Johannes Passion omdat dit ook met een kleiner koor gezongen kan worden. ”De laatste jaren wordt er meer aandacht aan de Johannes Passion besteed.”, aldus Toon de Graaf. De Mattheus Passion is lyrisch en devoot met een lijdende Jezus-figuur wat tot uitdrukking komt in de frase ”Kommt O Töchter helf mir klagen” De Johannes Passion is veel krachtiger en de evangelist breit het verhaal aan elkaar. In de Johannes Passion komen zowel aria’s als arioso’s voor. Aria’s zijn wat langere stukken in dichtvorm en arioso’s zijn korter en op proza. De koralen dienden oorspronkelijk voor het kunnen meezingen van de toehoorders en bestaan uit psalmen en gezangen.

Door de professionele solisten en orkest kwam het koor tot grote prestaties en vormde deze Passion een ontroerende bezinning op de komende Goede Week.

Caroline Stroër, correspondente Witte Weekblad

Amicitia zingt prachtige Johannes Passion in Wilnis

We kennen vele tradities rond de passies van Bach in de lijdenstijd. Onder die tradities, die verbonden zijn aan een bijzonder gebouw, schaarde zich twee jaar geleden Wilnis met de Johannes Passion in zijn sfeervolle en goedklinkende Johannes de Doper kerk. Een vast punt in die traditie is c.o.v. Amicitia, een koor van zo’n 80 amateur-zangers onder de professionele leiding van Toon de Graaf. Vrijdagavond 2 april 2004 vond het tweede concert plaats in deze traditie. Het eerste concert, twee jaar geleden, staat me nog in het geheugen gegrift als een ontroerende uitvoering. Zou het nog mooier kunnen dan de vorige keer? Vol verwachting toog ik dan ook naar de Johannes de Doper. En laat ik u maar niet in spanning houden: het was prachtig en wat heb ik genoten.

Maar dat zag er in het begin niet naar uit. Het openingskantoor ‘Herr, unser Herrscher’ was veel te langzaam. Er was iets mis. Waren het de stoelen voor de solisten, die niet goed stonden waardoor de opkomst van de dirigent en de solisten werd onderbroken of was er iets anders aan de hand? Dat wreekte zich in twee opzichten. De golfbeweging van zestienden heeft tot taak de muziek een stuwing te geven naar het dramatische ‘Herr’ van het koor en die stuwing ontbrak. Ook de pulserende bassen op g misten daardoor een deel van hun effect. Maar ook het koor kwam daardoor in moeilijkheden. In dit tempo is die moeilijke golfbeweging, die vierstemmig moet worden gezongen, haast niet gelijk te zingen. Het ‘Herr’, dat het koor canonisch uitroept, miste daardoor ook precisie en spanning. Na de reprise van dit openingsnummer waren de ergste zenuwen er af en ging het gelukkig veel beter. Maar na de pauze – die in dit werk altijd weer verassend vroeg komt – stond er een herboren koor. De tempi waren mooi en passend; het koor zong veel meer in balans en zelfverzekerd. Moeilijke passages en kleine uitglijders werden haast professioneel opgevangen. De kerk, die barstensvol zat, luisterde bijna ademloos. Heerlijk eens een concert waarin haast niet gehoest wordt! In vergelijking tot de vorige keer vielen me in positieve zin vooral de cesuren op in de recitatieven, die een fenomenaal dramatisch effect hadden. Dat was met name het geval in het recitatief na het ‘Bist du nicht’ – dat het koor ook nu weer bijtend agressief zong – waar Toon een meesterzet toepaste. Na het kraaien van de haan, vertolkt door de cello, stokte de muziek even als de adem van Petrus, die plotseling beseft dat hij Jezus verloochende. Van de solisten viel me vooral op het prachtige zingen van Math Dirks, die net als de vorige keer weer de christuspartij zong. Wat een gepassioneerde frasering en timing! Lisette Emmink was ook nu de sopraan en weer zong ze de ‘Ich folge dir gleichfalls’ (met die heerlijke fluitbegeleiding!) en het ‘Zerfliesse, mein Herze’ prachtig. De chromatische passage ‘an mir zu ziehen, zu schieben, zu bitten’ zong ze stuwend; ik voelde het trekken en schuiven. De evangelist Bart de Kegel, die de haast onmogelijke taak had Ludwig van Gijsegem (de vorige keer de evangelist) te evenaren, zong het huilen van Petrus ontroerend verdrietig. Ik vind hem dramatisch van hetzelfde kaliber als van Gijsegem, die echter een mooiere stem heeft. De tenor Alex Vermeulen, net als de alt Martine Straesser en de bas Martijn Sanders een ‘nieuweling’, kon mij niet erg overtuigen. Bij de aria ‘Ach mein Sinn’ hield ik steeds mijn hart vast of hij het snelle tempo wel kon volgen en dat was ook bij ‘Erwäge’ het geval. Martine Straesser zong het ‘Von den Stricken meiner Sünden’ en ‘Es ist vollbracht’ fraai en Martijn Sanders zette de aria’s ‘Betrachte meine Seele’ en ‘Mein teurer Heiland’ (met koor) schitterend neer.

Net als vorige keer verzorgde Kamerorkest “Continuo” de orkestrale begeleiding. Er werd mooi en geconcentreerd gemusiceerd met een glansrol voor de luit. Eric Jan Joose blonk weer uit op het orgel, met name in de recitatieven, die dit keer veel meer expressie hadden. Ik wil niet verzuimen enkele van de vele hoogtepunten van het koor na de pauze te vermelden. Een spannend krachtig ‘Wäre dieser nicht ein Übeltäter’, een prachtig ritmisch en helder articulerend ‘weg, weg mit den’ en een grandioos ‘wohin’ in de bas-aria ‘eilt, eilt, ihr angefochtnen Seelen’. De vorige keer liet Toon dit door de solisten zingen, maar zijn lef dit door het koor te laten doen, werd beloond. Het is razend moeilijk, maar het lukte en ook nog heel zacht gezongen. Hulde! Toon stak na afloop tijdens een donderend applaus van het dankbare publiek terecht tot tweemaal toe zijn duim omhoog naar het koor ten teken dat ze het weer geweldig gedaan hadden. Wat moet het heerlijk zijn in dit koor te zingen!

Paul Steinhauser