Concert 23 november 2018

Amicitia zingt Magnificat van C.Ph.E. Bach en het Requiem van W.A. Mozart

Lauren Armishaw – sopraan
Martine Straesser – alt-mezzo
Falco van Loon – tenor
Berend Eijkhout – bariton
Eric Jan Joosse – orgel
C.O.V. Amicitia Uithoorn
Het Promenade Orkest
Dirigent – Toon de Graaf

Vrijdagavond 13 november 2018 stroomden de luisteraars toe in de R.K. Kerk de Burght in Uithoorn. Een goed gevulde kerk in afwachting van wat komen gaat.

Op het programma staan C.Ph.E. Bach’s Magnificat – een muzikale setting van de bijbelse lofzang Magnificat, een van de eerste vocale werken van de componist. En het Requiem van Mozart – zijn laatste opus, gehuld in mysterie en onafgemaakt bij zijn dood op 35-jarige leeftijd. Een prachtig programma waarin het verschil in de periode van compositie gezien in het totale oeuvre van de componisten niet de enige tegenstelling is.

Het eerste uitgevoerde werk: Magnificat wordt ook wel de lofzang van Maria genoemd en is te vinden in het evangelie  Lucas, 1:46-55. De naam ‘Magnificat’ dankt het werk aan de eerste woorden in de Latijnse versie, Magnificat anima mea Dominum, wat betekent ‘(mijn ziel) verheerlijkt de Heer’. In de katholieke kerk krijgt het Magnificat meestal een plaats in de ‘vespers’(avondgebed). Het Magnificat Wq 215 heeft “C.P.E.” voltooid in Berlijn, in 1749, kort voor de dood van zijn vader. Dat zou voortaan de eerste, de “Berlijnse” versie worden genoemd, want later heeft hij, inmiddels in Hamburg werkende, een herziene uitgave verzorgd. In de latere versie werden trompetten, hoorns en slagwerk toegevoegd. Vanavond wordt deze latere versie uitgevoerd.

Bachs ‘ Magnificat ‘ vloog voorbij met een prachtige klankvariëteit, van het pittige openingskoor, (schitterend uitgevoerd door Amicitia) tot momenten van kalme reflectie. De prachtige sopraansolo van Lauren Armishaw klonk helder en zuiver en de aria “Quia fecit mihi magna” werd door tenor Falco van Loon trefzeker neergezet met een bepaald gemak wat aangenaam in de oren klonk. Het vierde deel van deze compositie is een prachtig deel waarin het koor en de sopraan en alt elkaar afwisselen. De sfeer bij de sopraan/alt passages is intiem, de begeleiding door de fluiten en strijkers van het inmiddels vertrouwde Promenadeorkest prachtig. Om dan met een heel koor in deze zelfde sfeer te blijven is lastig ,maar dat lukte Amicitia uitstekend. Het hele publiek luisterde met ingehouden adem naar dit prachtige deel. In het gehele werk werden de tempi overgangen die dirigent Toon de Graaf duidelijk aangaf door orkest en koor goed opgevolgd. Het laatste deel van de Magnificat begon met een goede duidelijke inzet van de bassen, gevolgd door de tenoren, alten en tot slot de sopranen. Deze laatsten hebben de enorm hoge noot B subliem “gepakt”. Doe dat maar eens na! Even later werd het lastiger. Het Amen is een spetterende dubbelfuga, een meesterwerkje van de componist. Het orkest en het koor liepen hier niet gelijk op, maar doordat de dirigent het tempo ietsje terugnam hervonden het koor en het orkest elkaar en werd er toegewerkt naar een spetterend einde. Of zoals een luisteraar zei: “het leek alsof de Hemel openscheurde”!

Anders dan het relatief onbekende Magnificat van Carl Philippe werd het Requiem van Mozart door de film ‘Amadeus’ bekend bij het grote publiek. Je denkt bij een Requiem al snel aan beklemming en mysterie. Daarentegen lijkt deze muziek ook te zweven richting hemel, waar een nieuw en vreugdevol leven wacht. Hoop tegenover wanhoop. Mozart vond de dood rustgevend en troostend. Toch blijft het vreemd om de muziek, die bedoeld is om in delen tijdens een rooms-katholieke kerkdienst ten gehore te worden gebracht, zo achter elkaar te horen. In deze vorm – zo achter elkaar is het een stapeling van ervaringen waarin soms de afwisseling gezocht moet worden.

Het begin van het Requiem, de ‘Introitus’  is een adagio. Een langzaam deel dat door het orkest ingezet wordt. Het genomen tempo was aan de hoge kant wat het geheel wat minder zwaar laat klinken. The Dies irae opent zonder introductie maar vol vuur en energiek. Hier moet Mozart geinspireerd geweest zijn door de tekst. Helaas viel de solo van de trombonist in het derde deel behoorlijk in het water en had hij grote moeite er weer in te komen. De bariton Berend Eijkhout zong echter onverstoord en professioneel door. Dat getuigt van een uitstekende controle over het stuk. In het Confutatis laat het koor een mooie afwisseling horen tussen de zachte vrouwenstemmen en de wat meer forte tenor- en baspartij. Overigens in het gehele werk laat het koor een goede afwisseling horen in de verschillende dynamieken en doen ze goed hun best de tempi wisselingen van de dirigent op te volgen. Als je dat doet weet je het publiek te pakken! Complimenten aan Amicitia en dirigent Toon de Graaf die deze avond een prachtig programma hebben neergezet!

Suzanne Arends